Een toernooi kan een heel weekend in beslag nemen: vroeg opstaan, wachten tussen de wedstrijden, onderweg eten en laat weer thuis. Voor het kind is het spannend en leuk, voor de ouders vooral een logistieke puzzel. Met een goede voorbereiding blijft het weekend gezellig.
Slim voorbereiden
Begin met het schema. Vraag de trainer om de toernooi-informatie, zodat je weet wanneer je kind moet spelen en hoe laat het er moet zijn. Schrijf de tijden in de agenda, samen met het adres en de reistijd. Spreek af wie het kind brengt en ophaalt en of anderen meerijden. Zo weet iedereen waar hij aan toe is.
Pak de tas samen in, liefst de avond ervoor. Reservesportkleding, extra sokken, een handdoek, een jas voor tussen de wedstrijden en een regenjas horen erin. Vergeet het drinken niet. Neem ook een tas voor de ouders mee met een klapstoeltje, een deken en iets warms om te drinken, want de wachttijden kunnen lang zijn.
Eten en drinken verdienen aandacht. Neem simpele, makkelijk te eten dingen mee: fruit, boterhammen, een klein tussendoortje. Zware maaltijden vlak voor een wedstrijd zijn niet nodig. Kies iets waar het kind zich goed bij voelt. Bespreek van tevoren waar en wanneer jullie eten, zodat niemand met een lege maag zit.
Zorg ook voor rust. Tussen de wedstrijden kan het kind even zitten, een boek lezen of praten met teamgenoten. Houd de telefoon niet de hele dag in de hand en plan een rustige avond na afloop. Vraag na de wedstrijden hoe het gegaan is, zonder direct een oordeel te geven. Vier gewoon dat jullie erbij waren.
Denk ook aan de andere kinderen in het gezin. Broertjes en zusjes hebben op zo'n dag weinig te doen, dus een boek, een spel of een tekenblok maakt het wachten aangenamer. Zo blijft een heel weekend toernooi een fijne herinnering, ook als de uitslag tegenvalt.